De Nederlandse Luchtvracht in 2026: strategische wendbaarheid in een kwetsbare wereld.
Na een jaar vol operationele en politieke turbulentie bevindt de Nederlandse luchtvrachtsector zich op een cruciaal kantelpunt. Tijdens de nieuwjaarsbijeenkomst van Air Cargo Netherlands (ACN) op 13 januari 2026 schetste voorzitter Henk Venema een beeld van een verbeterde samenwerking met Schiphol, maar ook van een Luchtvrachtketen die worstelt met een fragiel internationaal imago en technologische risico’s.
Een nieuwe fase van samenwerking
Henk Venema begon zijn toespraak met een positieve terugblik op de relatie met Schiphol. Waar eerdere jaren gekenmerkt werden door moeizame gesprekken, is er nu sprake van een “voorspoedig jaar” met concrete resultaten. Het commitment van het Schiphol cargoteam is volgens hem niet langer een verzameling loze woorden; er is daadwerkelijke tractie ontstaan in de uitvoering van de cargo-strategie.
Toch blijft de realiteit van Schiphol als ‘constrained hub’ onveranderd. De luchthaven moet de krappe ruimte verdelen tussen passage en vracht, wat betekent dat de sector “niet moet dromen” over onbeperkte groei op de mainport zelf. In deze context wordt Maastricht Aachen Airport (MAA) gepositioneerd als het onmisbare extra locatie. De recente aanstelling van een ervaren ‘airline-man’ als directeur in Maastricht wordt door Venema gezien als het sterkst mogelijke signaal aan de industrie dat MAA een volwaardige vrachtlocatie is.
Digitalisering: Een tweesnijdend zwaard
Een belangrijke structurele wijziging is de overdracht van het Smart Cargo Mainport Programma (SCMP) naar ACN. Hoewel deze integratie de slagkracht van de branchevereniging op het gebied van digitalisering vergroot, waarschuwde de voorzitter voor de schaduwzijde van deze vooruitgang. Het digitaliseren van ketenprocessen maakt de sector efficiënter, maar ook kwetsbaarder voor cyberaanvallen.
Reputatie als gezamenlijk kapitaal
Een ander speerpunt in de toespraak was het gezamenlijke imago van Nederland als logistiek knooppunt. Venema benadrukte dat de internationale markt, en met name grote spelers in China, niet kijken naar individuele fouten van één partij op Schiphol; zij zien het dan als een “Nederlands probleem”. “Vertrouwen komt te voet en gaat te paard,” waarschuwde hij, waarbij hij pleitte voor een gezamenlijke aanpak om de reputatie van de sector te beschermen.
De toespraak markeerde tevens het naderende einde van zijn voorzitterschap. Na een termijn van drie jaar zal Venema zich niet opnieuw verkiesbaar stellen, mede door een nieuwe internationale rol bij DHL. Hij verlaat een sector die, ondanks alle externe dreigingen, strategisch sterker en eensgezinder op de kaart staat dan drie jaar geleden.



