De komende maanden wordt een aantal belangrijke beslissingen genomen over de toekomst van Schiphol. Beslissingen die grote gevolgen zullen hebben. Zeker ook voor de toekomst van luchtvracht op onze nationale luchthaven.

Onderzoekers waarschuwen dat als de door minister Mark Harbers (Infrastructuur) aangekondigde reductie van de jaarlijkse slotcapaciteit van 500.000 naar 440.000 vliegbewegingen daadwerkelijk doorgaat, het segment vrachtvluchten op Schiphol het risico loopt om grotendeels uit de markt te worden gedrukt. Dit komt omdat vrachtvluchten sterk vraaggestuurd opereren en daarmee moeilijk kunnen voldoen aan de use-it-or-lose-it regel (80-20) in de Europese slotverordening. Die verordening is van oudsher sterk passagiersgericht  en gaat uit van het vliegen van vaste routes voor langere periodes.

Dezelfde onderzoekers stellen bovendien vast dat in de analyse naar de gevolgen van het verlaagde activiteitenniveau op Schiphol de positie van luchtvracht onvoldoende is meegenomen. En dat is kortzichtig omdat luchtvracht met iets minder dan 3% van de benutte vluchten zo’n 25% van de toegevoegde waarde op Schiphol en in de omgeving genereert. Uitgedrukt per vlucht genereert luchtvracht dan ook de hoogste welvaartsbijdrage van alle vervoerssegmenten op Schiphol. Het door de onderzoekers verwachte verdringingsmechanisme kan er bijvoorbeeld toe leiden dat een flink deel van de maindeckcapaciteit – vrachtruimte op vrachtvliegtuigen – op Schiphol verdwijnt. Dit gaat dan de huidige positie van Schiphol als belangrijke Europese draaischijf voor vracht sterk schaden. Het vrachtaanbod blijft overigens gewoon bestaan en vindt z’n weg naar omliggende luchthavens, die dan direct profiteren van het ingrijpen van Den Haag.

Schiphol, betrokken overheden en een aantal politieke partijen geven aan het belang van luchtvracht voor Nederland en bedrijven met een internationale waardenketen (hightech, pharma, healthcare etc.) in te zien. Maar het vinden van een oplossing om dit belang te borgen blijkt lastig. In beleidstermen heet deze uitdaging een ‘wicked problem’. Een probleem dat moeilijk of onmogelijk is op te lossen. Maar is dat wel zo en moeten wij ons daar dan bij neerleggen? Wat luchtvrachtkoepel ACN betreft zeker niet! Recent is namelijk het beleidsproces gestart tot herziening van de huidige Europese Slotverordening. Dat proces kent helaas een te lange doorlooptijd om nú de positie van luchtvracht op Schiphol te beschermen. Maar je zou er als Nederland wel op moeten durven voorsorteren.

De Nederlandse inzet voor de herziening van de slotverordening werd al voor de coronacrisis in de Tweede Kamer vastgesteld en is heel concreet en helder: geef EU lidstaten meer ruime voor maatwerk als het gaat om 1) duurzaamheid, 2) netwerkkwaliteit én 3) de positie van luchtvracht. Onze oproep is daarom om de positie van luchtvracht anticiperend op de herziening van de Europese slotverordening te beschermen via de capaciteitsdeclaratie op Schiphol. Vanuit de logische gedachte dat Schiphol zowel een belangrijke passagiers- áls luchtvrachtfunctie heeft en dat deze twee rollen allebei een eigen infrastructuur hebben waar door de jaren heen grote investeringen in zijn gedaan. Niet alleen door Schiphol en de overheid, maar óók door de honderden logistieke bedrijven die op en om Schiphol gevestigd zijn.

Als een belangrijk deel van het luchtvrachtsegment van de luchthaven wordt verdrongen, wordt er door de krimp in het aantal vluchten op Schiphol dan ook op grote schaal aan kapitaalvernietiging gedaan en dat kan nooit de bedoeling zijn geweest van de EU-slotverordening. Daarom dienen de wissels zo snel mogelijk te worden verzet om de grote vrachtrol van Schiphol te waarborgen.

Klik hier voor het bericht in NT